Over mij

Ik studeerde Engels, vrouwenstudies en journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 1994 woon ik in de hoofdstad. Ik heb een grote voorliefde voor geschiedenis. Ik ben echter Engels gaan studeren, omdat ik erg houd van literatuur, Engeland, Schotland en Ierland. Met een fictief karakter in een boek kun je meeleven en krijg je als lezer een band. Zo waaier je vanzelf uit naar de grotere geschiedenis.

Dit is ook mijn aanpak met het beschrijven van de levens van de 46 mannen die op 2 maart 1945 zijn gefusilleerd bij het Rademakersbroek: door te weten wie zij als persoon waren (hun ouders, partner en kinderen) maakt dat het grotere verhaal meer tot leven komt. Belangstelling voor de Tweede Wereldoorlog had ik als kind al. Mijn overgrootvader Jan Gerritsen en zijn oudste zoon, mijn oudoom Wim, zijn beide in de oorlog omgekomen. Hun fotootjes stonden bij mijn grootouders op de piano.

Vrouwenrechten en sociale rechtvaardigheid zijn centrale thema’s in mijn leven. Vandaar ook mijn belangstelling voor de politiek en Huurdersvereniging Van der Pekbuurt in Amsterdam-Noord, waar ik sinds 2016 woon. Van 2022 tot 2026 was ik stadsdeelcommissielid in Amsterdam-Noord voor De Groenen Basis Piraten.

Ik werkte onder andere als maatschappelijk werker op de Amsterdamse tippelzone, alsĀ  redacteur bij Greenpeace Nederland, in de thuiszorg en alsĀ  voedingsassistent in een verpleegtehuis. Vanaf 2018 heb ik me toegelegd op schrijven en onderzoek.

Ik ben een groot liefhebber van kunst, waaronder de Pre-Raphaelites en dit schilderij The Tempest van John William Waterhouse. Ook van uitgesproken feministische kunstenaars als Tracey Emin ben ik fan.